Dat is de conclusie die wethouder Rik van de Linden trekt uit het gesprek.
Hierin hebben de vertegenwoordigers van de provincies Zuid-Holland en Noord-Brabant, de Drechtsteden, Dordrecht, Breda en Gorinchem duidelijk gemaakt dat meebetalen aan een normale landelijke spoorverbinding geen taak van de lagere overheden is en een Intercity-pendel geen volwaardige verbinding. Het ministerie heeft aangekondigd met een aangepast voorstel te komen.
Van der Linden vraagt alle raadsleden om hun partijgenoten in de Tweede Kamer aan te spreken. Vandaag staat het Algemeen Overleg Spoor op de agenda en hij wil graag dat de parlementariërs aandacht blijven besteden aan dit probleem.
De brandbrieven, die Dordrecht in september aan Den Haag stuurde, waren de aanleiding voor het overleg van de afgelopen week.