De oorbellen worden aan de Vergulde Swaen geschonken door Erna Broos. In een interview met Studio DeWitt-presentator Ben Corino vertelt ze dat zij tien jaar oud was toen een vriendin van haar moeder haar op straat een paar oorbellen met roosjes in de handen drukte. “Erna, ik heb wat voor jou. Deze oorbelletjes heb ik van een Joods vriendinnetje toegegooid gekregen toen ze afgevoerd werd tijdens de oorlog”.
Bewaard maar nooit gedragen
Het vriendinnetje bleek uit later onderzoek Esther den Hartog te zijn. Esther kwam uit een joodse slagersfamilie die destijds vrij bekend was in Zwijndrecht. Ze vond, kort nadat ze haar vriendin Riet voor het laatst aan de Kerkstraat zag en haar de oorbellen toegooide, samen met haar ouders en zusje de dood in vernietigingskamp Auschwitz. Het was 1943, Esther was op dat moment 22 jaar oud.
Riet gaf de oorbellen door aan Erna omdat de herinnering aan de gebeurtenis haar te zwaar viel. De sieraden droeg ze om die reden ook niet: “Ik heb er moeite mee, dat ik de oorbellen heb. En ik heb twee zoons. Ik geef de sieraden graag aan jou.” vertelde ze aan Erna.
Erna heeft de oorbellen daarna jarenlang bewaard, maar ook nooit gedragen. Ze had gehoopt de sieraden op een later moment terug te kunnen geven aan nazaten van de familie den Hartog. Helaas bleek dat deze er niet meer waren: “Misschien zijn er nog verre nabestaanden. Maar er is niet eens meer een levende achterneef of achternicht te vinden”.