Bij onderwaterhockey draait het om een lange adem, snelheid en techniek. “Het is een sport waar je grote longen voor moet hebben”, legt organisator Harry Peters uit. “Je moet naar beneden, deelnemen aan de wedstrijd en dan weer omhoog om adem te gaan halen. Het kost echt veel energie.”
Het wordt gespeeld op de bodem van een zwembad en het doel is om zo vaak mogelijk te scoren. Een punt scoor je door de puck in de goal van een tegenstander te krijgen. In totaal deden er twintig teams mee aan het toernooi, waaronder teams uit Duitsland, Frankrijk, België en het Verenigd Koninkrijk.