Foto ter illustratie
PexelsAlblasserdammers kunnen komende jaarwisseling geen vuurwerkshow in hun eigen gemeente bekijken. De gemeente kiest ervoor om eerst ervaring op te doen met de landelijke regelgeving en de effecten daarvan, nu er sinds dit jaar een vuurwerkverbod geldt.
Dat blijkt uit een raadsinformatiebrief. Het landelijk vuurwerkverbod voor consumenten is ingegaan op 1 augustus 2026. Dit houdt in dat consumenten geen vuurwerk meer mogen kopen of afsteken.
LEES OOK: Verbod op consumentenvuurwerk; hier kun jij het anoniem en zonder straf inleveren
Hoewel verenigingen volgens de landelijke regelgeving nog wel een vergunning kunnen aanvragen, wordt in Alblasserdam voor komende jaarwisseling geen lokaal ontheffingenbeleid vastgesteld. “Wij achten het niet realistisch om het eerste jaar te verwachten dat lokale verenigingen en stichtingen kunnen voldoen aan alle voorwaarden die aan dergelijke evenementen worden gesteld”, zo valt te lezen in de brief.
Communiceren wat wel en niet mag
De regels zijn voor iedereen nieuw, en daarom gaat de gemeente op verschillende manieren communiceren over het vuurwerkverbod. Maar de gemeente geeft ook aan niet alleen te willen communiceren over wat er niet mag, maar juist ook aandacht te besteden aan intiatieven en ideeën die bijdragen aan een feestelijke en veilige jaarwisseling.
“Op dit moment worden geen gemeentelijke vuurwerkevenementen of andere grootschalige alternatieven georganiseerd. Wel volgen wij ontwikkelingen in andere gemeenten en zullen wij inspirerende initiatieven die passen bij Alblasserdam onder de aandacht brengen via onze communicatiekanalen.”
De burgemeester van Alblasserdam voegt daar nog een persoonlijke noot aan toe. “Nieuwe regels zijn voor de een prettig, voor de ander een teleurstelling. Toch kijk ik met vertrouwen vooruit naar een toekomst waarin iedereen een manier vindt om de jaarwisseling op zijn of haar eigen wijze bijzonder te maken, samen met familie, vrienden en buurtgenoten. Zodat we samen een mooie, veilige en respectvolle jaarwisseling beleven.”