Rob Bos, één van de knotvrijwilligers
Streekomroep 56Na maanden hard werken, komt er eind deze maand een eind aan het knotseizoen. Vooral in de polders een belangrijke zaak: want de kenmerkende wilgen kunnen niet zonder. “De takken worden er afgezaagd zo om de drie of vier jaar”.
Vanaf november tot eind maart is de Knotgroep Alblas op de donderdag- en zaterdagochtenden druk bezig met het knotten van wilgen. De groep bestaat uit zo'n 35 enthousiaste vrijwillige natuurliefhebbers.
“Het is de gezelligheid, de samenhorigheid en om fysiek bezig te zijn in een groep”, vertelt Rob Bos. Het werk bestaat voornamelijk uit het eraf zagen van takken van wilgenbomen, om zo te voorkomen dat ze te zwaar worden en omkiepen.
“Wilgenhout is vrij zacht hout en als deze bomen doorgroeien, dan gaan ze op een gegeven moment kiepen, want dan wordt het gewicht van de takken te hoog”, legt vrijwilliger Kees Luijten uit
Einde van het seizoen
Kees en Rob zijn allebei gepensioneerd, maar dat valt niet te zien in hun werk. Ze doen het graag. Dat het knotseizoen alweer aan zijn einde komt, vinden de mannen erg jammer.
“28 maart, dan stoppen we, want dan mogen we ook niet doorzagen en dan ontstaat er een soort leegte”, zegt Kees. Maar als het najaar begint, dan komen de kriebels weer omhoog en staan ze te springen om weer te beginnen. “Dan voelen we al van: 'Wanneer mogen we weer?'”, kijkt Kees alweer vooruit.
Bekijk ook deze reportage op ons YouTube-kanaal.