Vanuit haar woonplaats Antwerpen is Sarah deze dag naar Sliedrecht gekomen. Het is het dorp waar ze opgroeide en waar ze als kind altijd gelukkig werd van zwemmen in de rivier.
We hebben afgesproken op de dijk en kijken uit over het water. De middag is warm en zonnig. “Niet het mooiste licht voor opnames”, merkt de fotografe meteen op. Over de Beneden Merwede trekken speedboten en binnenvaartschepen voorbij. “Met mijn ouders ging ik ook heel vaak varen”, memoreert Sarah. “Ik was gewoon heel veel in en op het water.”
PFAS
Aan de overkant van de rivier is het lieflijke groen van de Biesbosch te zien. Maar kijk je iets meer naar rechts dan staat daar een grote fabriek. Die van Chemours in Dordrecht, bekend om de productie van een omstreden en mogelijk kankerverwekkend product: PFAS.
PFAS is een verzamelnaam voor chemische stoffen, die tegen hoge temperaturen kunnen en water-, vet- en vuilafstotend zijn. PFAS worden verwerkt in heel veel producten, zoals anti-aanbaklagen van pannen, regenkleding, voedselverpakkingen en smartphones. De stoffen zijn extreem slecht afbreekbaar en worden ook wel ‘forever chemicals’ genoemd.
Je kunt PFAS binnenkrijgen via voedsel en water. Uit onderzoek van het RIVM is gebleken dat bijna iedereen in Nederland te veel PFAS in zijn bloed heeft en dat geldt zeker voor de omwonenden van Chemours. Van een uitstootverbod is het tot nu toe niet gekomen. In Europees verband wordt daar wel aan gewerkt.
Zembla
“Als kind fietste ik over de dijk en zag ik de fabriek natuurlijk liggen”, zegt Sarah. “Maar ik was totaal niet bezig met wat ze daar maakten. De fabriek was er gewoon. Uitstoot en lozingen? Daar stond ik niet bij stil. Ik schrok pas toen ik in 2023 naar het tv-programma Zembla keek, waarin het ging over de vervuiling door Chemours. Toen werd me duidelijk dat deze omgeving, waarin ik zo fijn ben opgegroeid, enorm aangetast is. Je ziet het niet. Het is onzichtbaar. Maar schadelijke stoffen als PFAS gaan dus wel in je bloed zitten.”
National Geographic
Na de uitzending van Zembla besloot Sarah haar verbijstering om te zetten in een fotoproject. Ze vroeg subsidie aan bij de Stichting Oog op de Natuur en het Fonds Bijzondere Journalisten Projecten, en kreeg de beurzen waarop ze hoopte. Een selectie van haar foto’s is deze maand te zien in de Nederlandse uitgave van het befaamde blad National Geographic. “Voor een beginnend fotografe als ik is dat heel vet”, glundert ze.