Ter illustratie
Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA)De provincie Zuid-Holland zet druk op Zwijndrecht om sneller werk te maken van de huisvesting van statushouders. Als de gemeente niet binnen een jaar met voldoende concrete resultaten komt, dreigt ingrijpen vanuit de provincie.
Statushouders (asielzoekers met een verblijfsvergunning) moeten door gemeenten worden gehuisvest. Dat is nodig om ruimte vrij te maken in asielzoekerscentra. De provincie houdt toezicht op het behalen van deze zogenoemde taakstelling.
Zwijndrecht loopt achter
In Zwijndrecht wachten momenteel in totaal 78 statushouders op een woning. Het gaat om 41 mensen uit een eerdere achterstand en 37 nieuwe gevallen uit 2026.
De gemeente erkent dat de doelstelling niet volledig wordt gehaald, maar is het niet eens met het oordeel van de provincie dat er geen goed plan ligt. Volgens Zwijndrecht is er vóór 1 november 2025 wel degelijk een realistisch en uitvoerbaar plan ingediend.
Het verschil van inzicht zit volgens de gemeente vooral in het tempo. Zwijndrecht wijst daarbij op de krapte op de woningmarkt en een besluit van de gemeenteraad om statushouders geen voorrang meer te geven op sociale huurwoningen. Daardoor ligt het tempo volgens de gemeente lager dan de provincie wenselijk vindt.
Zwijndrecht zegt zich extra te willen inspannen om de achterstand in te lopen en gaat in gesprek met de provincie. Ook wordt overwogen om beroep aan te tekenen tegen het besluit.
Molenlanden op de goede weg
Voor Molenlanden is de situatie anders. Deze gemeente liep eerder ook achter, maar heeft inmiddels volgens de provincie voldoende concrete plannen opgesteld.
Daardoor hoeft Molenlanden op dit moment geen rekening te houden met ingrijpen vanuit Zuid-Holland.
Voor gemeenten die achterblijven, zoals Zwijndrecht, geldt dat zij tot 1 april 2027 de tijd hebben om hun achterstand weg te werken. Lukt dat niet, dan kan de provincie zelf woningen regelen. De kosten daarvan worden vervolgens doorberekend aan de gemeente.