Hans van de Bunte, interim-directeur Nationaal Onderwijsmuseum
Christian van HouwelingenDe Tweede Kamer heeft besloten tóch geld uit te trekken voor het Nationaal Onderwijsmuseum in Dordrecht. En dat goede nieuws zorgt voor blije gezichten bij de het museum. “Ik kan nu eindelijk weer met tentoonstellingen bezig zijn. Gewoon met de inhoud aan de slag waarvoor je bent aangenomen en waarvoor je ook je werk het liefst verricht”, vertelt interim-directeur Hans van de Bunte enthousiast.
“We zouden uitgegumd worden door het vorige kabinet”, vertelt Van de Bunte. “Maar daar is dankzij de SGP en D66 een stokje voor gestoken.” Hij vervolgt: “Zij hebben ingezien dat het Onderwijsmuseum groei nodig heeft om een nationale instelling te kunnen zijn.” Het museum heeft de laatste jaren moeten werken met steeds minder geld, waardoor ze minder hebben kunnen doen. “Dat wordt nu weer rechtgetrokken”, volgens Van de Bunte.
De interim-directeur geeft aan dat de blijdschap leeft bij alle betrokken medewerkers en vrijwilligers van het museum. “Iedereen sprong van zijn kruk gisteren.” Ook vertelt hij dat een vrijwilliger zich begon af te vragen: ‘heb ik al dat werk dan helemaal voor niets gedaan?’
Met het behoud van het museum krijgt deze vrijwilliger het uitzicht dat het niet voor niets is geweest. “Alle kennis die hij heeft toegedaan aan de collectie, alle kennis die bij de objecten terecht is gekomen, die is niet voor niets gebleken, want nu kunnen we het verhaal blijven vertellen”, aldus Van de Bunte.
Het afgelopen jaar
Het is een zwaar jaar vol onzekerheid geweest voor het museum. Van de Bunte begrijpt wel dat het even heeft geduurd tot er meer zekerheid kwam. “We hebben altijd geweten dat er politieke besluitvorming nodig was om het besluit van het vorige kabinet ongedaan te maken en dat kost tijd”, licht hij toe.
LEES OOK: Onderwijsmuseum gered: bezuiniging door Tweede Kamer teruggedraaid
Het was niet altijd even makkelijk om te wachten op duidelijkheid. De tientallen vaste medewerkers en de ongeveer tachtig vrijwilligers van het museum werd meegegeven: richt je op je eigen werkzaamheden, maar denk ook na over eventuele volgende stappen. Van de Bunte vertelt: “Daarin zijn de medewerkers altijd loyaal geweest aan het museum.”
‘Wat komt er daarna’
De blik kan nu op de toekomst. “In het najaar komt er een tentoonstelling over onze collectie Indonesische lesmaterialen”, vertelt de interim-directeur. Deze stond al gepland, maar nu kan de bestuurder eindelijk ook gaan nadenken over wat daarna komt. Daarnaast viert het museum volgend jaar haar 150-jarig bestaan, dus dat zal in ieder geval groots gevierd worden.
Verder gaan ze dit jaar ook het open depot in. Alle collecties worden op zaal gebracht in het souterrain van het museum. “Daarin gaan we samen met het publiek en samen met experts de collectie waarderen en verrijken en die informatie gaat in onze database.”
Belang van het museum
De directeur wil dan ook het belang van zijn instelling voor het hele land benadrukken. “Het Nationaal Onderwijsmuseum vertelt het verhaal over de geschiedenis van het onderwijs”, vertelt Van de Bunte. We hebben in Nederland vrijheid van onderwijs en dit is volgens de interim-directeur erg bijzonder.
“Je mag in Nederland ervoor kiezen naar welke vorm van onderwijs je je kinderen stuurt.” Dit is volgens Van de Bunte erg belangrijk voor de vorming van je kinderen. Hij vertelt dat de identiteit van een persoon grotendeels ook door het onderwijs wordt gevormd. “Die vorming geef je je kinderen mee voor 15 tot 20 jaar.”